12 oktober 2026

Nu Noord-Holland het strategische goud kent, komt het aan op uitvoering

NTS - Eric en Linze
Kennis
Kennis

TNO Vector heeft in kaart gebracht welke economische activiteiten voor Noord-Holland van strategisch belang zijn. Dit sterke rapport verdient aandacht. Wat betekent deze analyse voor technologie, innovatie en het toekomstige verdienvermogen van Noord-Holland?

Vorig jaar schreven wij dat Noord-Holland technologiebeleid verdient dat recht doet aan haar potentieel. Dat was vooral een pleidooi, gebaseerd op ons werk voor de Nationale Technologiestrategie. Er ontbrak toen nog een gedeeld en onderbouwd beeld van waar deze regio werkelijk van strategische betekenis is in Nederlandse en Europese context.

Dat beeld ligt er inmiddels. TNO Vector voerde het onderzoek uit in opdracht van de provincie Noord-Holland, de Metropoolregio Amsterdam en het Programmabureau Noordzeekanaalgebied. Het rapport verbindt Europese ontwikkelingen rond concurrentiekracht en strategische autonomie met het Nederlandse industrie- en technologiebeleid en een diepgaande analyse van de Noord-Hollandse economie. Wat betekent deze analyse voor Noord-Holland?

Een omgekeerde redenering

Regionale economische studies beginnen vaak bij wat een regio al heeft, benoemen daarbinnen de sterkste sectoren en bestempelen die vervolgens als strategisch. De studie van TNO redeneert vanuit buiten naar binnen. De analyse begint bij Europese en nationale beleidsprioriteiten, waaronder het Draghi-rapport, het Competitiveness Compass en de Nationale Technologiestrategie. Daaruit destilleert TNO 27 potentieel strategische economische activiteiten. Pas daarna volgt de vraag: welke positie heeft Noord-Holland daarin? Deze werkwijze voorkomt dat we onszelf sterk rekenen op basis van wat al in de regio aanwezig is. In plaats daarvan staat de vraag centraal welke bijdrage Noord-Holland levert aan grotere Nederlandse en Europese opgaven.

Maatschappelijk belang én systeempositie

TNO kijkt daarbij naar twee aspecten. Ten eerste naar het maatschappelijk belang: de bijdrage aan toekomstig verdienvermogen, veiligheid en weerbaarheid, duurzaamheid en circulariteit, en gezondheid en welzijn. Daarbij speelt ook mee hoe zeker of ‘robuust’ die bijdrage is. Daarom maakt TNO onderscheid tussen technologieën die zich al bewezen hebben en technologieën waarvan de belofte nog moet worden waargemaakt. Ten tweede kijkt TNO naar de systeempositie van Noord-Holland: hoe sterk is de regio gespecialiseerd, hoe complex en moeilijk te imiteren is de aanwezige kennis en welke positie neemt Noord-Holland in binnen bredere waardeketens en kennisnetwerken? Die laatste nuance vinden wij waardevol. Strategisch belang betekent namelijk niet per definitie dat je alles zelf moet kunnen. Een regio kan juist strategisch belangrijk zijn omdat zij een onmisbare schakel vormt in een groter systeem.

Het dartbord, ring voor ring

Bron: Strategische economische belangen provincie Noord-Holland – TNO Vector

In de kern staan twee activiteiten waarin zowel het maatschappelijk belang als de regionale positie van Noord-Holland sterk zijn: biotechnologie en zaadveredeling. Bij biotechnologie komen een hoge kenniscomplexiteit, een sterke kennisbasis en de hoogste patentscore van alle onderzochte activiteiten samen. Bij zaadveredeling beschikt Noord-Holland met Seed Valley zelfs op wereldschaal over een onderscheidende concentratie.

De tweede ring bestaat uit systeemdragende activiteiten: datacenters, artificial intelligence, cybersecurity, medtech en windenergie. Zij maken het functioneren en vernieuwen van andere sectoren mogelijk via infrastructuur, digitale systemen of ondersteunende kennis. Ook nanotechnologie en cacao- en suikerwaren staan in deze ring, al is hun maatschappelijke bijdrage volgens TNO minder zeker.

De derde ring: selectief. Dit is de meest gedifferentieerde groep en daarom de interessantste. Hier heeft de regio geen sterke positie over de volle breedte van een activiteit, maar wel op specifieke schakels. Luchtvaart ontleent zijn positie vooral aan concentratie en specialisatie rond Schiphol, terwijl de kennisbasis relatief beperkt is. Internet of Things scoort juist andersom, met hoge complexiteit en een sterke regionale kennisbasis maar beperkte schaal. Duurzame procestechnologie, maritieme industrie, sensoriek en meet- en detectietechnologie, slimme energiesystemen, quantumtechnologie en nieuwe materialen ontlenen hun betekenis vooral aan complementariteit binnen bredere ketens. Voedingsmiddelenindustrie en staalindustrie staan hier eveneens, met meer onzekerheid over de maatschappelijke bijdrage.

De buitenste ring bevat activiteiten waarin Noord-Holland geen uitgesproken onderscheidende systeempositie heeft en die een sterk variërende maatschappelijke relevantie hebben. Daaronder vallen bijvoorbeeld circulair bouwen, reststroomverwerking, alternatieve eiwitten en de bredere waterstofketen. Deze activiteiten kunnen maatschappelijk zeer relevant zijn, en de regio heeft ze nodig om opgaven in eigen gebied op te lossen. Tegelijkertijd heeft de regio zelf minder invloed op hun ontwikkeling. Datzelfde geldt binnen sectoren: deelactiviteiten kunnen strategisch relevanter zijn dan de sector als geheel. Wie alleen naar sectoren kijkt, ziet niet waar de werkelijke strategische kracht zit.

Onze belangrijkste conclusies

Een eerste belangrijke conclusie is dat het rapport laat zien dat een sterke kennispositie en daadwerkelijk verdienvermogen twee verschillende dingen zijn. Noord-Holland scoort hoog op patenten, publicaties en kennisinstellingen. Amsterdam is bijvoorbeeld sterk in medische biotechnologie. Maar kennis ontwikkelen is iets anders dan die kennis verzilveren en succesvol naar de markt brengen. Juist bij die valorisatie, opschaling en financiering zien wij het in onze praktijk nog vaak misgaan. Daar komt bij dat de zeggenschap over bedrijven in sommige sterke regionale activiteiten (groten)deels bij buitenlandse eigenaren ligt. Besluiten over deze activiteiten worden dan in het buitenland genomen.

Minstens zo relevant is de conclusie van TNO dat economisch beleid niet alleen langs sectorale lijnen zou moeten worden georganiseerd, maar vanuit de rol die activiteiten in een systeem vervullen. Kernposities vragen om bescherming en versterking. Systeemdragende activiteiten vragen vooral om goede randvoorwaarden. Selectieve posities vragen om gerichte keuzes voor de niches waarin Noord-Holland daadwerkelijk onderscheidend is. Deze conclusie over beleidsinrichting vinden wij de meest bruikbare uit het hele rapport.

Hier ligt het eigenlijke werk: van analyse naar uitvoering

TNO noemt het beeld terecht een momentopname, en methodisch klopt dat. Maar in de praktijk veranderen zulke posities niet van vandaag op morgen. Seed Valley, de campus rond Amsterdam UMC en sterke kennisclusters zijn over decennia opgebouwd. Dat betekent dat we op het geschetste fundament meerjarig kunnen voortbouwen, maar ook dat nieuwe strategische posities niet binnen één bestuursperiode ontstaan. Dat pleit voor geduld en consistentie, twee eigenschappen die zich moeizaam verhouden tot beleidscycli. Hier ligt wat ons betreft de grootste opgave. TNO levert bewust geen ranglijst en geen automatische prioritering. Het rapport maakt afwegingen expliciet en legt die vervolgens neer bij de partijen waar ze horen. Maar ook wanneer die keuzes gemaakt zijn, is er nog geen handelingsperspectief. Analyse en beleid worden pas iets waard wanneer zij vertaald zijn naar programma’s, instrumenten, financiering en mensen die elkaar weten te vinden. Die vertaalslag naar actie is het eigenlijke werk, en dat kost jaren.

ROM InWest pakt haar rol

Bij ROM InWest zit ons vak precies in die vertaalslag. De komende tijd werken we de belangrijkste strategische posities verder uit richting ons nieuwe meerjarenplan en samen met onze partners in de regio. We blijven investeren in bedrijven binnen deze prioriteiten en onderzoeken hoe we onze inzet in onder meer biotechnologie verder kunnen vergroten. Tegelijkertijd verdiepen we de geprioriteerde domeinen afzonderlijk. Ieder domein vraagt immers om een eigen ecosysteemanalyse: eerder deden we dat voor medische biotechnologie en begin dit jaar voor medtech. Andere domeinen volgen. Een jaar geleden constateerden we dat Noord-Holland goud in handen heeft, maar er nog beperkt naar graaft. Inmiddels ligt er een uitstekende kaart van waar dat goud zich bevindt. Verder verkennen, keuzes maken, samenwerken en ontwikkelen moeten we nog steeds zelf.

Zelf het hele TNO-rapport lezen? Strategische economische belangen provincie Noord-Holland

 

Eric
Eric van Heerwaarden
Hoofd Innoveren & Impact
Linze Rijswijk
Programma Manager Ecosysteemontwikkeling

Gerelateerde
Inspiratie

Stay tuned

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief en blijf op de hoogte van nieuws, verhalen, relevante evenementen en meer. 

Ben jij ook een gamechanger?