Op de website staat in grote letters dat Avy ‘drones for good’ maakt: technologie die wordt ingezet om mensen te helpen. Avy ontwikkelt langeafstandsdrones die vliegen vanaf speciale dockingstations. Deze stations kunnen vrijwel overal worden geplaatst en laden de drones automatisch op. In tegenstelling tot veel andere drones zijn de drones van Avy bestand tegen extreme weersomstandigheden, zoals harde regen en wind. Niels: “Dit maakt onze drones interessant voor landen met afgelegen of onherbergzame gebieden. Door dockingstations op strategische plekken te plaatsen, is een drone altijd in de buurt en kunnen veel kortere responsetijden worden gehaald worden in noodsituaties, bijvoorbeeld bij het vervoeren van medicijnen of het in kaart brengen van situaties.”
Dual-use drones
“De combinatie van weersbestendige langeafstandsdrones en flexibel inzetbare dockingstations maakt onze technologie ook geschikt voor Defensie,” zegt Niels Blij. “Omdat onze drones zowel voor civiele als militaire toepassingen kunnen worden ingezet, zijn wij een goed voorbeeld van dual-use technologie. In ons geval gaat het bijvoorbeeld om het verkennen van gebieden, het bewaken van infrastructuur en bevoorradingsroutes en het vervoeren van medische middelen. We zijn nu met verschillende onderdelen van de krijgsmacht in gesprek over de meest geschikte toepassingen.”
Een groen hart
Niels werkte zelf acht jaar voor de Landmacht bij een verkennings- en inlichtingeneenheid. In die tijd diende hij ook in Uruzgan. “Zelf onder vuur liggen, bermbommen, mortierbeschietingen: het was een intense tijd”, vertelt Niels. “Door mijn ervaring weet ik wat mensen in uniform nodig hebben en spreek ik hun taal. Vanuit die achtergrond kan ik nu de brug slaan tussen de behoeften van Defensie en de technologische mogelijkheden van Avy. Daar wordt mijn ‘groene hart’ weer wakker van!”
Belang voor Defensie
Voor Defensie zijn dual-use innovaties belangrijk, omdat zij zo gebruik kunnen maken van technologie die buiten de krijgsmacht wordt ontwikkeld. Ook voor Nederland is dit van groot belang: het helpt om sneller en slimmer te werken aan onze veiligheid. Dit heeft onder meer geleid tot de oprichting van het Regioteam Defensie Noord-Holland, waarin Defensie, de provincie, het ministerie van Economische Zaken, bedrijven en ROM InWest samenwerken aan dual-use innovaties. Binnen dit netwerk is sprake van tweerichtingsverkeer: vraagstukken vanuit Defensie kunnen worden gedeeld met innovatieve ondernemers die een mogelijke oplossing hiervoor hebben en andersom worden ondernemers die een interessante propositie voor Defensie hebben, geholpen in het opzetten van een samenwerking.
Korte lijn
Niels is voorzitter van de stuurgroep Bedrijvenvertegenwoordiging binnen het Regioteam. Het Regioteam heeft als belangrijke rol om signalen vanuit ondernemers bij Defensie binnen te krijgen en om de samenwerking tussen ondernemers en de krijgsmacht te verbeteren. Niels zegt daarover: “De stuurgroep vormt de “stem” van de regionale bedrijven richting Defensie. Met elkaar kijken we naar mogelijkheden, leggen we waardevolle verbanden en bouwen we bruggen naar Defensie. En we helpen bedrijven met potentiële dual-use technologie werken om sneller in contact te komen met Defensie. Die lijnen zijn nu vaak nog te lang. Maar met de dreigingen in de wereld hebben we die tijd niet meer. We moeten in vredestijd investeren in techniek en samenwerking, zodat de infrastructuur klaar staat als het nodig is.”
Voor en door ondernemers
In deze rol komt alle ervaring van Niels goed samen. Na zijn tijd bij Defensie had hij een eigen onderneming in drankmerken en hielp hij andere ondernemers. “Die ondernemersblik neem ik mee in de stuurgroep. Ik wil bijdragen aan een florerend Noord-Hollandse bedrijfsleven, meer samenwerking en minder afhankelijkheid van het buitenland. En natuurlijk vind ik het mooi om op deze manier de mannen en vrouwen bij Defensie te kunnen bedienen.”
Doe mee!
Wil jij met jouw onderneming bijdragen aan veiligheid, strategische autonomie en innovatie? Meld je direct aan bij Niels Blij, via Avy of bij Robin Beijnum.